Vanaf Vác neemt de provinciale weg langs de linkeroever van de rivier een ruime bocht naar het westen en doet achtereenvolgens de dorpjes Veröce, Kismáros, Nagymáros, Zebegény en Szob aan.
In Zebegény (rechts van de hoofdweg, onder het spoor door) staat aan het hoofdplein een architectonisch pareltje: een prachtige witte kerk (katholiek) die in 1908 in Hongaarse jugendstil (szecesszió) is gebouwd door de beroemde architecten Károly Kós en Béla Janszky en in 2010 geheel is gerenoveerd. Ook het interieur met zijn kleurrijke fresco’s van ondermeer Aladár Körösföi-Kriesch, lid van de fameuze kunstenaarsgroep van Gödöllö, is buitengewoon.
In alle dorpen zijn de nodige terrasjes, veelal aan het water, en ze zijn een goed startpunt voor wandelingen in de Börzsöny heuvels ten noorden. Er is een mooi smalspoortreintje dat vanuit Kismáros de heuvels ingaat naar Királyrét (De Koningsweide). Királyrét is eigenlijk niet meer dan een verzameling restaurants in het bos en bij een visvijver, maar vandaar zijn allerlei wandelroutes uitgezet, onder meer naar de burchtruïne van Nógrád, en het is onder Hongaren buitengewoon populair.

